Van het gas af? Dat wordt dus elektrisch koken

Een (toekomstige) gasloze woning houdt in dat je niet meer op aardgas kunt koken. Voor veel mensen is het een hele stap om afstand te doen van hun vertrouwde gaspitten. Wordt het koken op inductie of een keramische kookplaat?

Een elektrische kookplaat, dat slurpt toch energie en is toch helemaal niet handig? Dat gaat zeker op voor de ouderwetse elektrische kookplaat met metalen schijven met een gloeispiraal. Hierbij heb je veel nawarmte (warmte die opgeslagen is in de schijf) en moet je voortdurend anticiperen om te voorkomen dat de melk alsnog overkookt, ook al heb je de plaat zachter gezet. Laten we deze ouderwetse en onzuinige vorm van elektrisch koken onmiddellijk vergeten.

Keramisch of inductie. Uiterlijk verschillen ze niet veel: mooie superstevige en uiteraard hittebestendige glasplaten met ‘kookcirkels’ (pitten kun je ze niet meer noemen …) en meestal tiptoetsbediening. De keramische plaat is de moderne versie van de ouderwetse elektrische kookplaat. Onder het glazen oppervlak bevindt zich de warmtebron: halogeen of gloeispiralen. De inductieplaat werkt op een heel andere manier. Met een elektromagnetisch veld wordt warmte opgewekt in de panbodem. Inductieplaten zijn het duurst in aanschaf.

Inbouw. Bijna alle platen zijn inbouwapparaten. Ga je een inbouwgaskookplaat vervangen, let dan goed op de nismaat. ‘Losse’ platen met minimaal vier kookcirkels zijn bijna niet te vinden. Ook verkrijgbaar: 100% elektrische inbouwfornuizen met een keramische of inductiekookplaat en oven.

Realtime regelbaar? Een groot voordeel van koken op gas is dat je de warmte ‘realtime’ kunt regelen door een draai aan de knop. Dat gemak wil je waarschijnlijk niet opgeven bij elektrisch koken. Inductie reageert even snel als gas. Zodra je het vermogen verlaagt met de tiptoets, vermindert het opwekken van warmte in de panbodem acuut. De keramische plaat reageert minder snel. Dat kan lastig zijn als je wilt voorkomen dat de melk of de pan met rijst of pasta overkookt, maar eerlijk is eerlijk: het went.

Energiezuinig, geen warmteverlies, nawarmte. Bij inductiekoken gaat er geen warmte rondom de pan verloren, aangezien alleen de pan warm wordt, niet de hele kookcirkel. Dit is dan ook de energiezuinigste manier van koken. (Hoewel op gas koken op dit moment nog wat goedkoper is qua euro’s.) Volgens MilieuCentraal verbruikt de inductieplaat zo’n 20% minder dan de keramische plaat.
Bij de keramische plaat gloeit de warmtebron na en de plaat blijft dus nog een tijdje warmte afgeven na het uitschakelen. Ook bij inductiekoken blijft de glasplaat nog een tijdje warm, maar veel korter. Voor de veiligheid brandt er een signaallampje zolang de plaat nog niet tot handwarm is afgekoeld.

Schoon. Bij zowel keramisch als inductiekoken vindt geen verbranding plaats, dus er ontstaan geen rookgassen in je keuken en je brengt geen fijnstof in de lucht.

Kookgroep. Een elektrische kookplaat op vol vermogen trekt nogal veel stroom. Voor een standaard vierpitsplaat heb je twee extra groepen nodig in je meterkast, die samen een zogenaamde kookgroep vormen. Een standaardkookplaat neemt maximaal 7200 watt op, verdeeld over twee kookzones van ieder twee kookcirkels. Per kookzone is een groep van 3600 watt nodig. Als je een plaat uitzoekt, vind je het maximale vermogen in watt (W) in de specificaties.

Werk in de meterkast. Klus voor de elektricien: het uitbreiden van de meterkast met een kookgroep. Mogelijk moet je huisaansluiting van 1 naar 3 fasen. (Sowieso zal dit waarschijnlijk nodig zijn als je in de gasloze toekomst overgaat op een warmtepomp voor verwarming en warm water.)

Verschillende grootte. Sommige platen hebben vier identieke cirkels met een gelijk vermogen. Handiger is het als om minimaal een kookzone te hebben met een grote en een kleine plaat (en een evenredig verdeeld vermogen) en een kookzone met twee gelijke cirkels van mediumformaat. Er zijn ook inductieplaten met vijf of zes kookcirkels.

Nieuwe pannen? Dat is niet per definitie nodig. Je kunt je bestaande pannen testen met een magneetje. Blijft dit aan de panbodem hangen, dan is de pan in principe geschikt voor inductiekoken. Pannen met een dikke bodem werken het fijnst. Dunnere pannen trekken snel krom. Je kunt ermee koken, maar prettig is anders.
Voor halogeen en keramisch is het voldoende om pannen met een vlakke, dikke bodem te gebruiken om de warmte goed te kunnen overdragen aan de inhoud van de pan.

Veiligheid. Pandetectie: de cirkels worden alleen ingeschakeld als er een pan gedetecteerd wordt. Bijna alle platen hebben een kinderslot en geven het aan als een cirkel nog warm is na het koken. Vlam in de pan? Onwaarschijnlijk als je elektrisch kookt.

Wokken op inductie. Dat kan, het vermogen is er groot genoeg voor. Je moet wel een goed geleidende wok gebruiken. Bij gas verspreidt de warmte zich over de hele onderkant van de pan, bij inductie wordt alleen het deel dat op de cirkel staat direct verwarmd. je hebt dus een wok nodig met een vlakke onderkant ter grootte van je grootste kookcirkel. In de praktijk vind ik het goed te doen. Helaas kun je wel wat inbrandsporen op de glasplaat krijgen door de enorme hitte.

Timerfunctie en standen. Bijna alle platen hebben een of meer cirkels met een timer die na verloop van tijd de cirkel uitschakelt. Fijn voor een stoofschotel. Het is ook een fluitje van een cent om zo’n schotel echt heel zachtjes te laten stoven, mits je plaat veel standen heeft. Goedkope platen hebben er soms maar 9, waardoor zelfs stand 1 net iets te veel kan zijn voor je rijstepap of draadjesvlees. Twaalf of meer standen werkt beter (bijna traploos, zoals je vertrouwde gas).

Boost. Bij de boosterfunctie wordt het volledige vermogen van een zone naar een van de cirkels geleid zodat je een pan water extra snel aan de kook kunt brengen.

Schoonmaakgemak. Doekje erover en klaar, eventueel met kookplaatreiniger. Nooit meer roosters en gaspitten schoonmaken. Heerlijk toch?

Andere opties? Een hout- of pelletfornuis is alleen voor de echte liefhebber. Wil je echt niet zonder gas, dan zal het in de toekomst flessengas worden … Kortom, elektrisch koken lijkt voor de toekomst de enige serieuze optie.

De proef op de som. Twijfel je? Ga eens een eitje bakken bij iemand die al elektrisch kookt. En verbaas je over de snelheid en het gemak van inductie. Ik stel mijn keuken met plezier daarvoor beschikbaar.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *